lange langzame duurloop als basis voor presteren
Door editor op di, 02/21/2017 - 18:06content_1a12_slide
content_2a12_text
Zijn lange langzame duurlopen ook goed voor 10 kilometer lopers of alleen voor marathonlopers?
Vorige week (8-13 februari 2017) was ik in Barcelona en ben ik 1 week een stuk sneller geworden. Wat een mooie ervaring was dat. Het gekke eraan was dat ik alleen maar lange langzame duurlopen heb gedaan. Ik was de trainer van het groepje 6’30”-7’30” per kilometer, maar had wel vele kilometer gemaakt. Bij terugkomst in Amsterdam was ik veel sneller geworden, ik merkte dat bij een privétraining die ik gaf. De week ervoor kon ik Ernst niet bijhouden en een week later hij mij niet.
Wat gebeurt er in het lichaam?
Tijdens duurlopen die langer zijn dan ervoor of bij duurlopen die sneller gaan dan ervoor zijn er veel aerobe processen die in het lichaam verbeteren. Er is een proces dat vooral plaatsvindt bij lange duurlopen in zone 1 (rustig dus) en dat is de aanmaak van zogenaamde energiefabriekjes. Deze energiefabriekjes (mitochondrieen) worden wél aangemaakt in zone 1 en veel minder of niet in de hoger liggende zones. Deze mitochondrieen liggen in de spieren en zorgen ervoor dat er nuttige energie wordt geproduceerd. Hoe meer fabriekjes hoe meer energie kan worden vrijgemaakt. Erg gunstig dus!
Prikkel je jouw lichaam in de hoger gelegen zones op de goede manier, dan zullen er níet meer energiefabriekjes worden aangemaakt, maar zullen deze fabriekjes wel efficiënter gaan werken. Dat is een van redenen waarom het belangrijk is om veelzijdig te trainen.
Zone 1, lukt jou dat?
Niet alle hardlopers vinden het fijn om in zone 1 hard te lopen omdat het wat traag aanvoelt. Omdat je langzamer loopt dan anders, is het lastig om lekker te blijven lopen. Door met een hoger pasritme te lopen zal deze zone 1 veel prettiger aanvoelen. Check dus regelmatig of jouw pasritme nog in orde is en kijk naar een andere hardloper die wél een goed ritme heeft en neem dat ritme (niet snelheid) over.
Ik vind duurlopen in zone 1 te gek. Niet de snelheid geeft de kick, maar wel de lengte van de trainingen. Je kunt dus langer genieten van deze heerlijke sport en het is óok nog heel erg nuttig als je sneller wilt worden
Basis van duurlopen in zone 1
Je zou vanwege het nut van deze trainingen (aanmaak van meer mitochondrieen) dit ‘het leggen van een basis’ kunnen noemen. Het is natuurlijk erg gunstig als er meer energiefabriekjes in je spieren aanwezig zijn. Met deze basis van veel kilometers in zone 1, kun je daarna nog een keer sneller worden door de hoger liggende zones te trainen. Zo kun je maanden lang, maar vermoedelijk zelfs jarenlang vooruitgang blijven boeken.
Toverformule hardloopvakanties Running Holland
Een ander heel mooi voordeel van deze lange langzame duurlopen is dat je er heel snel van hersteld. Normaal gesproken herstel je binnen 24 uur van een lange duurloop die in zone 1 word gedaan. Van snelle duurlopen duurt het herstel veel langer.
Dit is dus een groot voordeel. Je kan dagelijks hardlopen en dus dagelijks sneller worden. Omdat je van deze lange trainingen in zone 1 snel hersteld, kun je de dag erna alweer een nieuwe training plannen. Check vooraf wel of je echt volledig bent hersteld.
Deze toverformule gebruiken we ook tijdens onze hardloopvakanties die we in februari en maart gebruiken. Dagelijks trainen en toch ook sneller worden en dus records lopen op zondag bij de betreffende wedstrijd.
Zone 1 trainingen zijn dus ook erg gunstig voor 10 kilometer wedstrijden
Deze duurlopen in zone 1 zijn voor alle lange afstandswedstrijden erg gunstig en zelfs voor 800 meter wedstrijden heb je ze nodig.
Dus train je voor 800 meter, 1500 meter, 5 kilometer, 10 kilometer, 15 kilometer, 21,1 kilometer of de marathon. Zone 1 legt de basis voor een goede prestatie.
Interessant? Bekijk ook eens ons YouTube kanaal of lees onze andere blogs.
Dave Baars
lange langzame duurlopen als basis
sneller worden
Door editor op di, 02/14/2017 - 16:22content_1a12_slide
content_2a12_text
Sneller worden
Sneller worden betekent een grotere kans op blessures. In vorm zijn is lekker. In vorm zijn betekent ook sneller lopen dan daarvoor. Het is eigenlijk de eerste fase van ‘op een hoger niveau bezig zijn’. In die fase zijn de spieren extra sterk. De rest van het lichaam moet zich nog aanpassen. Pezen en botten moeten nog wennen aan de grotere trekkracht van de spieren. Hierdoor kunnen blessures aan de spier-pees overgang of aan de pees-bot overgang ontstaan.
Wanneer je in vorm bent, probeer dan de vorm vast te houden. Loop liever eerst een paar maanden op dit hogere niveau voordat je nog een stap vooruit doet.
record
Na iedere wedstrijd dat ik een p.r. liep ben ik geblesseerd geraakt. Zo liep ik in februari 2000 voor het eerst een 10 km wedstrijd onder de 32 minuten; het gevolg was een bericht in de krant en een achillespeesblessure van 3 maanden. Blijf altijd luisteren naar je lichaam. Je lichaam is in dit geval verstandiger dan je geest.
Hoe worden lange afstandlopers nu eigenlijk sneller. Meer spierkracht? Of een sterker hart, beter of geconcentreerder bloed, efficiënter werkende spieren of krijgen ze grotere longen?
Er wordt in de wetenschap veel geëxperimenteerd. En daar zijn topsporters erg in geïnteresseerd. Een hoge druk tent, een lage zuurstof kamer of een hoogte stage? Dit zijn alle manieren om de concentratie rode bloedcellen van het bloed toe te laten nemen. Meer rode bloedlichaampjes in het bloed dus meer zuurstofcapaciteit en betere prestaties. Maar worden de prestaties wel beter? Moeten niet alle fysiologische aspecten worden verbeterd om vooruitgang te boeken? Als bloed, spieren, pezen, aanhechtingen, longen en hart allen sterker worden gaan de prestaties vooruit maar is dat ook zo als dat er een van is? Is het niet zo dat de zwakste schakel de kracht van de ketting bepaalt? Als een oude eend(2cv) de motor van de nieuwste Mercedes zou krijgen zou de eend de 200 km/u kunnen halen. Maar vanwege de slechte carrosserie zou hij (bij) Halfweg al kapot zijn getrild.
Anaërobe drempel
Lange afstand lopers worden sneller wanneer hun anaërobe drempel verschuift. Omhoog verschuiven, wel te verstaan. Dat wil zeggen dat de basissnelheid omhoog gaat. In september loop je in een uur 12 kilometer. In april haal je wellicht 14 kilometer in 1 uur. Wanneer je het zuurstofsysteem prikkelt en traint, kunnen de spieren in je lichaam uiteindelijk meer zuurstof per minuut/uur gebruiken. De spieren gaan efficiënter te werk!
De anaërobe drempel kan ook naar beneden gaan. De basissnelheid gaat omlaag wanneer je te hard traint. Trainingen waarbij je snakt naar lucht/zuurstof verlagen de anaërobe drempel. (overigens hebben trainingen in zone 5 ook voordelen) Bij een anaërobe drempeltraining moet er nog net gepraat kunnen worden, maar alleen met enkele woorden tegelijkertijd. Wanneer dat niet meer kan, loop je boven het omslagpunt. Er wordt dan niet voldoende energie vrijgemaakt door het zuurstofsysteem en wordt er een andere energiesysteem in werking gezet, je voelt dan dat je benen zwaar en moe worden en gaan verzuren. Het energiesysteem dat actief wordt omdat alleen zuurstof niet toereikend is, wordt het anaërobe(niet zuurstof) systeem genoemd. Dit systeem is onder andere actief als je veel trappen op loopt. De eerste twee trappen gaan nog wel maar na de derde trap voel je zuur in je benen. Dit zuur is een bijproduct van het niet zuurstofsysteem en is een bewijs dat je boven de anaërobe drempel arbeid verricht. Wanneer je de anaërobe drempel omhoog wil laten verschuiven dien je net onder het omslagpunt te trainen. Van een extensieve intervaltraining verschuift de drempel dus sneller omhoog dan van een duurloop. Bij een duurloop gaan we ervan uit dat je met een intensiteit traint die ruim onder het omslagpunt is.
Specifiek trainen
Tijdens lange afstandwedstrijden voel je geen zuur in de benen dus hoef je dat ook niet te trainen. Hoewel, enkelen zullen het niet met me eens zijn. Sommige karakterlopers voelen (zich) wel degelijk zuur tijdens wedstrijden. Maar als het goed is, komt dat pas in de laatste kilometers. Voel je dat al halverwege dan ben je te snel gestart.
Is keihard lopen goed voor de basissnelheid? Antwoord: zie hierboven. Nee dus, keihard lopen is goed voor de topsnelheid maar niet voor de basissnelheid.
Topsnelheid of basissnelheid
Sprinters moeten het hebben van hun topsnelheid. Lange afstandlopers, zoals wij, moeten het hebben van de hoge basissnelheid. Middenafstandlopers, zij lopen afstanden van enkele minuten(800m, 1500m), hebben zowel topsnelheid als basissnelheid nodig en moeten kunnen lopen onder verzuring. Middenafstandlopers snakken tijdens trainingen naar lucht. Een 10 kilometer is daarentegen een lange afstandsloop.
Over Haile Gebrselassie, een wereldtopper en toekomstig president van Ethiopië(??): Uit onderzoeken blijkt dat zijn V02 max(maximale zuurstofverbruik per minuut) niet bijzonder hoog ligt. Daaruit blijkt dat de capaciteit van de longen, om zuurstof te verbruiken, niet prestatie bepalend is. De Vo2 max is mede bepalend. De anaërobe drempel van Haile ligt daarentegen wel zeer hoog. Hij loopt in een uur zo’n 22 km. De anaërobe drempel kun je zien als algemeen geldende conditie bepaler. Alle factoren zijn daarbij inbegrepen.
Kortom, lekker trainen en niet geblesseerd raken!
Hoe snel in het Vondelpark?
De tabel hieronder geeft aan wat de trainingssnelheden zijn per afstand. Bij deze snelheden zit je als het goed is net onder het omslagpunt. Met uitzondering van de laatste twee kolommen. Voor duurlopen geldt dat je ruim onder de anaërobe drempel traint. In de eerste kolom zie je staan: Wedstrijd(wat is je huidige prestatieniveau) 5 km 10 km. Hieronder zie je verschillende tijden staan. Schat dus in wat je nu(deze week) zou kunnen lopen op 10 of 5 kilometer. En train dan in de snelheden die daarbij horen.
Rondjes Amsterdamse Vondelpark:
|
Wedstrijd (wat is je huidige prestatieniveau?)
5km 10km |
Training Per: 1000m |
Rondje kop van het park (kort) rondje a780m |
Rondje kop van het park rondje b870m |
Rondje Fontein, brug. Rondje 550m |
Rondje blauwe theehuis, brug.Rondje 410m |
8je: c + d 960m |
Duurloop Tot 75 Snelheid per km |
Duurloop Langer dan 75’. Snelheid per km |
|
30.00 1.01.15 |
6’7” |
4’46” |
5’19” |
3’20” |
2”25” |
5’50” |
7’21” |
7’57” |
|
29.30 1.00.15 |
6’1” |
4’41” |
5’14” |
3’16” |
2’23” |
5’44” |
7’14” |
7’50” |
|
29.00 59.15 |
5’55” |
4’36” |
5’9” |
3’13” |
2’20” |
5’38’ |
7’7” |
7’43” |
|
28.30 58.15 |
5’50” |
4’31” |
5’4” |
3’10 |
2’18” |
5’33” |
7’ |
7’36” |
|
28.00 57.15 |
5’44” |
4’26” |
4’59” |
3’6” |
2’15” |
5’28” |
6’53” |
7’29” |
|
27.30 56.15 |
5’38” |
4’21” |
4’54” |
3’04” |
2’12” |
5’23” |
6’46” |
7’22” |
|
27.00 55.15 |
5’32” |
4’16” |
4’49” |
2’59’ |
2’10” |
5’18” |
6’39” |
7’15” |
|
26.30 54.15 |
5’26” |
4’11” |
4’44” |
2’55” |
2’8” |
5’12” |
6’32” |
7’8” |
|
26.00 53.15 |
5’21” |
4’7” |
4’39” |
2’53” |
2’6” |
5’6” |
6’25” |
7’1” |
|
25.30 52.15 |
5’15” |
4’4” |
4’33” |
2’51” |
2’4” |
5’ |
6’18” |
6’54” |
|
25.00 51.15 |
5’9” |
4’ |
4’28” |
2’49” |
2’1” |
4’53” |
6’11” |
6’47” |
|
24.30 50.15 |
5’3” |
3’56” |
4’23” |
2’45” |
1’59” |
4’48” |
6’4” |
6’40” |
|
24.00 49.15 |
4’57” |
3’51” |
4’18” |
2’42” |
1’57” |
4’43” |
5’57” |
6’33” |
|
23.30 48.15 |
4’52” |
3’46’ |
4’13” |
2’40” |
1’55” |
4’38” |
5’50” |
6’26” |
|
23.00 47.15 |
4’46” |
3’42” |
4’8” |
2’37” |
1’52” |
4’33” |
5’43” |
6’15” |
|
22.30 46.15 |
4’40” |
3’37” |
4’3” |
2’33” |
1’50” |
4’28” |
5’36” |
6’8” |
|
22.00 45.15 |
4’34” |
3’32” |
3’58” |
2’30” |
1’48” |
4’22” |
5’29” |
5’57” |
|
21.30 44.15 |
4’28” |
3’27” |
3’53” |
2’27” |
1’46” |
4’15” |
5’22” |
5’49” |
|
21.00 43.15 |
4’22” |
3’23” |
3’48” |
2’23” |
1’44” |
4’8” |
5’15” |
5’42” |
|
20.30 42.15 |
4’16’ |
3’19” |
3’43” |
2’20” |
1’41” |
4’1” |
5’8” |
5’34” |
|
20.00 41.15 |
4’10” |
3’15” |
3’38” |
2’16” |
1’38” |
3’55” |
5’01” |
5’27” |
|
19.30 40.15 |
4’5” |
3’10” |
3’32” |
2’12” |
1’35” |
3’49 |
4’54” |
5’19” |
|
19.00 39.15 |
4’ |
3’4” |
3’26” |
2’8” |
1’33” |
3’43” |
4’47” |
5’11” |
|
18.30 38.15 |
3’54” |
3’ |
3’21” |
2’5” |
1’30” |
3’37” |
4’40” |
5’4” |
|
18.00 37.15 |
3’48” |
2’56” |
3’16” |
2’2” |
1’28” |
3’31” |
4’34” |
4’56” |
|
17.30 36.15 |
3’42” |
2’52” |
3’11” |
1’59” |
1’26” |
3’25” |
4’27” |
4’49” |
|
17.00 35.15 |
3’37” |
2’48” |
3’06” |
1’56” |
1’24” |
3’19” |
4’20” |
4’42” |
|
16.30 34.15 |
3’30” |
2’44” |
3’01” |
1’53” |
1’22” |
3’12” |
4’13” |
4’35” |
Interessant? Bekijk ook eens ons YouTube kanaal of lees onze andere blogs.
Dave Baars
sneller worden
trainingsweekend Apeldoorn
Door editor op di, 02/14/2017 - 15:51productdisplay_2b12_prods
productdisplay_1a12_slide
productdisplay_2a12_text
trainingsweekend Apeldoorn 22 en 23 april
We organiseren in het weekend van 22 en 23 april 2017 een heerlijk trainingsweekend in Apeldoorn en trainen in het gevarieerde landschap van de Veluwe. Dat is een prachtig natuurgebied en heel erg groot.
Omdat 5 verschillende trainers meegaan, kunnen we dit weekend voor alle niveaugroepen aanbieden. We maken dus steeds een programma voor zowel **, ***, **** en ***** lopers. Iedereen komt aan z'n trekken en niemand hoeft té hard te lopen. Voor alle niveaugroepen is het leuk en lekker.
programma
vertrek: zaterdagochtend 9.15 uur vanaf Azartplein
zaterdagochtend 10.30 of 11.00 uur na aankomst: duurloop (50'-2 uur) in groepjes met opdrachten. De duurloop van 50' is voor ** lopers. De duurloop van 2 uur is alleen voor lopers die dat inderdaad aankunnen.
direct gevolgd door een door Dave klaar gemaakte lunch van yoghurt met muesli en veel vers fruit
zaterdagmiddag 16.00 uur: intervaltraining in spelvorm van ongeveer 60' met daarin warmlopen, snelle intervallen en uitlopen. Bijvoorbeeld 8 keer 20" snel.
zaterdagavond 18.00 uur: gezamenlijk diner in restaurant?
zondagochtend 10.00 uur: duurloop 50'-90'. ** lopers lopen 50' of iets langer.
zondag om 12.00 uur gaan we weer naar huis en zullen we lang nagenieten.
Wie gaan er mee?
Celine, Kimja, Geart Jan, Victor, Patrick en Dave (allen trainers) en verder ongeveer 25 hardlopers.
aanmelden & kosten
| Inschrijven | Start datum & tijd | Dag | Doel | Locatie | Trainer | Kosten |
|---|---|---|---|---|---|---|
|
zaterdag, 22 april, 2017 - 10:30
|
Zaterdag
|
beter worden in hele mooie omgeving
|
Veluwe
|
divers
|
€ 35,00
|
|
|
zaterdag, 22 april, 2017 - 10:30
|
Zaterdag
|
beter worden
|
Veluwe
|
divers
|
€ 45,00
|
productdisplay_2c12_text
De kosten bedragen 35 euro pp op basis van een meerpersoonskamer en bedragen 45 euro op basis van een 2 persoonskamer. Reserveer daarnaast wel extra geld voor lunch, avondeten en extra's.
Aanmelden kan alleen via boventaand betalingssysteem en dus niet per email!
wat neem ik mee en meerijden?
2 paar hardloopschoenen, genoeg schone sokken en shirts, slaapzak en kussensloop....
Wil je op zaterdagochtend meerijden naar Apeldoorn en op zondag mee terugrijden naar Amsterdam, laat het dan even weten. Er is genoeg plek om mee te rijden.
trainingsweekend Apeldoorn
opbouw snelheidstrainingen
Door editor op di, 02/07/2017 - 22:51content_1a12_slide
content_2a12_text
Opbouw sneller worden
Meerdere aspecten bepalen of je sneller kan worden. Het begint met de ‘wil’, ‘discipline’ en ‘verstand’ volgen. Zonder discipline en verstand zal je het niet volhouden. Discipline zorgt voor de regelmaat en het verstand zorgt ervoor dat je niet te hard traint.
Fysieke opbouw, leggen van basis
De opbouw naar het sneller worden begint bij het zuurstofsysteem. Van rustige langere trainingen worden de spieren geprikkeld om efficiënter te werken. Een spier die langdurig op een niet te hoge intensiteit wordt geprikkeld, zal al na enige duurtrainingen meer energie vrij kunnen maken om te gebruiken voor het hardlopen. De spieren kunnen meer zuurstof per liter bloed opnemen als gevolg van een duurtraining. Zuurstof is van belang bij het vrijmaken van energie in de spieren bij duurtraining. Spieren worden tijdens en vooral na de duurtraining geprikkeld om extra ‘zuurstof opname capaciteit’ te ontwikkelen.
Na enige duurlopen op vlakke ondergrond gelopen te hebben, kun je langere afstanden met heuvels daarin verwerken. Door heuveltraining ontwikkelt zich techniek vanzelf en neemt de kracht toe. Een trainingsvorm die in Zweden veel wordt gedaan, heet ‘Fartlek’. Bij een Fartlektraining wordt door de natuur gecrost en wordt op verschillende ondergronden gelopen en heuvels worden meegepakt. Er wordt niet in een snelheid gelopen maar de snelheid en intensiteit wordt sterk afgewisseld, mede door het lopen over heuvels. Met een rustige Fartlek kan worden begonnen nadat een goede basis van rustige duurtrainingen is gelegd.
snelheidstrainingen voor hardlopers
Nadat met rustige gevarieerde trainingen de spieren gezonder en sterker worden en het hele lichaam rustig aan de schokbelasting gewend is geraakt, kunnen snellere trainingen worden gedaan.
Bij het lopen van een wedstrijd op hogere snelheid wordt aan het lichaam hogere eisen gesteld, dan voor het lopen van een langere rustige duurloop. Specifieke voorbereiding is dus gewenst.
Bij het doen van snelheidstrainingen speelt de volgende vraagstelling een belangrijke rol.
“Hoe moet ik de snelheidstrainingen uitvoeren zonder dat ik geblesseerd raak?”
Een eerste vorm van snelheidstraining is een duurloop met daarin korte vlotte stukjes verwerkt van ongeveer 1 minuut. Een voorbeeld daarvan kan zijn: duurloop in zone 1 van 30’ met daarin 4 keer 1’ vlot. Wanneer je de dag erna ‘groen licht’ krijgt(dit betekent dat je de dag erna geen last ondervind van de training), kan een volgende training van 30 minuten met daarin iets meer aan vlotte stukken worden gelopen.
Controleer steeds of je ‘groen licht’ krijgt. Is er de dag erna wel een reactie in de spieren, locale spierstijfheid of een andere (lichte) klacht, doe bij een volgende training dan niet een stap vooruit, maar wacht tot je hersteld bent, en doe eerst een stap terug.
Nadat je een periode duurlopen met daarin vlotte stukken verwerkt, hebt gedaan, kun je naar een volgende trainingsvorm. De intervaltraining kenmerkt zich door rustmomenten tussen vlottere intervallen door. Een rustmoment wordt bij voorkeur dribbelend, of rustig hardlopend uitgevoerd. Een interval training wordt gedaan in wedstrijdsnelheid. Omdat tijdens de training moeilijk de duur en snelheid van de wedstrijd kan worden volgehouden, wordt dezelfde snelheid met tussenpauzen gelopen. Zo train je wel de specifieke snelheid, maar heb je niet de moeite en als gevolg daarvan de schade die een wedstrijd met zich mee brengt. Een voorbeeld van een eerste intervaltraining zou kunnen zijn: 4 keer een rondje(800-1000m) met 1 minuut pauze tussendoor. Zorg er voor dat de intensiteit niet te hoog ligt, loop een eerste intervaltraining voor een groot deel in zone 3, bij volgende trainingen kun je een groter deel in zone 4 lopen. Wanneer een laatste interval, in een programma, langzamer is dan de eerste kan dat erop duiden dat er te snel is gestart. Met een korte pauze kun je jezelf dwingen niet te hard te lopen. Wanneer een eerste intervaltraining in te hoge snelheid wordt gelopen, zijn stijve kuiten vaak het gevolg. Spierpijn of stijfheid in de kuiten herstelt maar langzaam. Dus voel steeds de dag erna of je ‘groen licht’ krijgt. Zo niet, dan extra lang rust en eerst een stap terug!
Voor een intervaltraining wordt altijd een warming-up gedaan waarbij je rustig naar de trainingsintensiteit toe werkt.
Voorbeeld opbouw snelheidstrainingen
Hieronder zie je in stappen een voorbeeld van hoe je een snelheidstraining kan opbouwen. Dit zijn niet trainingen die elkaar opvolgen. In een week worden 1 of maximaal 2 snelheidstrainingen gedaan. Snelheidstrainingen worden in een week afgewisseld door andere trainingsvormen. De hoeveelheid snelheidstrainingen is afhankelijk van het totaal aantal trainingen dat wordt gedaan. Het totaal aantaal trainingen dat wordt gedaan, is weer afhankelijk van de getraindheid en ervaring van de hardloper.
Stap 1: Duurloop 30’ zone 1 met daarin 4 keer 1’ vlot
Stap 2: Duurloop 30’ zone 1 met daarin 4 keer 2’ vlot
Stap 3: Duurloop 30’ zone 1 met daarin 4 keer 3’ vlot*
Stap 4: Duurloop 30’ zone 1 met daarin 4 keer 4’ vlot*
Stap 5: intervaltraining: 4 keer 900 meter in zone 3 P:1’
Stap 6: intervaltraining: 4 keer 900 meter. 2 in zone 3 en 2 in zone 4 P:1’*
Stap 7: intervaltraining: 6 keer 900 meter in zone 3 P:1’*
Stap 8: intervaltraining: 4 keer 1500 meter. 3 in zone 3 en 1 in zone 4 P:1’
Stap 9: intervaltraining: 4 keer 1500 meter. 2 in zone 3 en 2 in zone 4 P:1’*
Hierna kunnen nog vele volgende stappen volgen, laat de intensiteit geleidelijk opvoeren tot maximaal zone 4. De omvang neemt steeds minder snel toe. De omvang van een intervaltraining tvo op een 10 kilometerwedstrijd of halve marathon is maximaal 7-9 kilometer.
* Uiteraard is het goed en motiverend om af te wisselen en hoef je niet steeds hetzelfde rondje te lopen. Verder worden intervaltrainingen niet door elkaar gevolg, maar vindt in week afwisseling plaats tussen verschillende trainingsvormen.
Wedstrijdjes
Na het te hebben gedaan van enige intervaltrainingen in beoogde wedstrijdsnelheid, kun je een eerste (oefen)wedstrijdje gaan doen. Een eerste wedstrijdje levert vaak geen PR(bij de allereerste wel altijd) op en vaak wel veel spierpijn. Bij een wedstrijd worden vooral in de laatste kilometers andere kwaliteiten van je verwacht dan in de training. Zowel mentaal als fysiek word je doorzettingsvermogen aangesproken. Het doorlopen onder grote vermoeidheid, heb je niet eerder in een training gevoeld. Deze belasting is nieuw en daar moet je aan wennen. Een trimmer die 3 keer per jaar aan een evenement meedoet, is minder goed bestand tegen lopen onder hevige weerstand dan ervaren wedstrijdlopers. Door het lopen van wedstrijden neemt het wedstrijdritme toe. En dat heb je nodig voor het lopen van een PR. Je kan beter tegen de vermoeidheid, leert jezelf kennen, weet wat je aankan en wordt mentaal en fysiek sterker.
Maximale zuurstofopname
In het laatste deel van de wedstrijd kom je terecht in intensiteitzone 5. Ervaren wedstrijdlopers al kilometers voor de finish, minder ervaren lopers of trimmers wellicht alleen de laatste 50 meter. In zone 5, boven het omslagpunt, speelt de maximale zuurstofopname capaciteit een rol. Dit geeft aan wat de kwaliteit van de samenwerking tussen de longen en het bloed is. Hoeveel zuurstof kan door het bloed worden opgenomen en door de spieren worden gebruikt? Bij het herstel na het lopen op hoge intensiteit worden meer longblaasjes aangemaakt. Op die manier kan het lichaam na aanpassing meer zuurstof per minuut uit het bloed opnemen.
Wil je de laatste kilometers harder kunnen lopen, dien je ook deze zone 5 te trainen. Dat kan pas nadat het lichaam gewend is aan trainen in zone 4. Er zijn lopers die niet gewend zijn of niet goed en lang kunnen trainen in zone 4, voor hen is zone 5 niet geschikt. Een veilige prettige plaats om in zone 5 te trainen, zijn de duinen. Heuvel op met zachte ondergrond. In de duinen kun je intensief trainen zonder dat je veel spierpijn oploopt. Een voorbeeld van een eerste training in zone 5 kan zijn: 5 keer 200 meter omhoog met tussendoor als pauze rustig terugdribbelen naar beneden. Doe vooraf een ruime, naar het einde toe intensieve warming-up van minimaal 30 minuten.
Kracht en snelheid
Topsnelheid is minder van belang voor een lange afstandloper. Een hoge basissnelheid is essentieel. Een intervaltraining in de vorm van korte sprints is minder nuttig dan een intervalprogramma in wedstrijdsnelheid. Wel kunnen korte vlotte stukken gebruikt worden voor techniek training. Kracht is van belang ter blessurepreventie, maar ook om een krachtigere, betere pas te ontwikkelen. De meest specifieke krachttraining is lopen onder weerstand. Denk hierbij aan heuveltraining. Krachttraining zoals springvormen, grondoefeningen of krachttraining in het krachthonk zijn minder specifiek maar kunnen wel blessurepreventief en techniekbevorderend werken (meer hierover in hoofdstuk ‘krachttraining’).
Ongemakken
De vraag “Hoe moet ik de snelheidstrainingen uitvoeren zonder dat ik geblesseerd raak?” moet continue bij je onder de aandacht blijven. Blijf kritisch voor jezelf! Wanneer je ’s ochtends opstaat met stijve spieren, of met een licht zeurende pijn, dan is een snelheidstraining niet geschikt. Kies dan bij voorkeur voor een korte rustige training die herstellend van karakter is. Stel de snelheidstraining uit tot je je weer 100% voelt. Verder kunnen techniek en basiskracht fysieke ongemakken en blessures voorkomen.
Interessant? Bekijk ook eens ons YouTube kanaal of lees onze andere blogs.
opbouw snelheidstrainingen
continuiteit
Door editor op di, 01/31/2017 - 17:35content_1a12_slide
content_2a12_text
Continuïteit
Hardlopers hebben een lifestyle! Bungee-jumpers en parachutespringers zijn anders, en halen de kick ergens anders vandaan. Extreme sporters gooien alle energie er in een keer uit. Ze gaan er vol in. Wij zijn meer van het type ‘wacht maar af, ik neem de tijd’ en wij zullen Amsterdam laten zien dat we extreem goed zijn in een heel gewone sport.
Als je regelmatig geblesseerd bent moet je echt iets veranderen, iets minder hard trainen en beter luisteren naar de reactie in je lichaam kunnen ervoor zorgen dat je een langere periode heel blijft en daardoor zal je ook sneller worden.
geen saaie sport
Hardlopen is een hele mooie sport! Regelmatig trainen houdt de motivatie hoog en zorgt ervoor dat hardlopen steeds lekkerder gaat. Probeer niet alle energie er in 4 weken uit te gooien. Maar train rustig. Loop liever iets langer dan dat je keihard gaat trainen. Een rondje Vondelpark waarna je dood neervalt is veel minder nuttig dan een rustige langere ronde in het Amsterdamse bos. Zes weken rustig trainen is beter dan vier weken hard trainen waarna je uitgeblust geen energie meer hebt om je hardloopschoenen aan te trekken.
Hardlopen is geen saaie sport maar wel een sport met een eenzijdige beweging. Het hardloopritme gaat maar door. Per training maak je duizenden keren dezelfde beweging. Train je in de juiste snelheid dan raak je na verloop van tijd in een trance. Die trance bereik je als er gedurende een langere tijd in een makkelijk tempo gelopen wordt. Je waant je als een Afrikaan op de savanne. Ritme kan dus trance veroorzaken!
Spanboog
Vooral ervaren hardlopers kunnen na een paar weken goed trainen, een verminderde zin in hardlopen krijgen. Bij minder zin, wellicht veroorzaakt door vermoeidheid is het verstandig een rustweek in te lassen. Sommige hardlopers trainen 4 weken goed en hebben dan behoefte aan een rustweek, anderen na drie weken al. Ik heb ontdekt dat ik lang ‘heel’ blijf en gemotiveerd blijf als ik na elke twee weken een (relatieve) rustweek neem. Een rustweek wil niet zeggen dat je niets doet. Je kan je richten op andere sporten of iets minder hardlopen. Het voordeel van een rustweek is dat je volledig herstelt en de (mentale) batterij weer opvult. Zo kun je de continuïteit bevorderen.
Als de motivatie er is, zul je minder vaak verstek laten gaan en blijft de continuïteit aanwezig. Na een paar weken regelmatig trainen word je vanzelf beter of sneller. Met variatie zal de motivatie hoger zijn. Train in verschillende plekken zoals het Oostelijk havengebied, langs de Amsel en het Amsterdamse bos. Dit zijn plekken waar je gevarieerd kunt trainen. Het Vondelpark is ook heel mooi maar verken eens het vogeleiland in het Sloterpark. De duinen (op 25 minuten rijden vanaf Amsterdam) zijn nog veel mooier dan de Amsterdamse parken. Samen trainen is leuker dan in je eentje. Spreek eens af! Het af ten toe lopen van een wedstrijdje of test kan ook de motivatie doen laten groeien. Bijna wekelijks worden er in de buurt van Amsterdam wedstrijdjes georganiseerd.
Ervaren lopers
Voor ervaren lopers is continuïteit ook heel erg van belang. Zolang je af en toe een ‘pr’ loopt, betekent het dat je nog steeds vooruit gaat. Voel je dat dat niet meer zo is, bedenk dan dat je wellicht aan het maximum zit. Dit maximum wil niet zeggen jouw maximum. Vaker trainen of intensiever trainen zorgt voor een verbetering. Ook als je al vijf jaar traint en ook als je boven de 50 bent, kun je nog vooruit gaan. Pas na ongeveer 10 jaar goed en regelmatig trainen bereik je het hoogste niveau. Elke tien kilometer die je extra loopt in de week zorgt voor een verbetering van minimaal 30 seconden op de 10 kilometer. Als je er een extra intervaltraining bij gaat doen in de week betekent dat je minimaal 1’ sneller wordt op de 10 km. De ‘wet van de verminderde meeropbrengst’ gaat ervan uit dat de prikkelwerking langzaam uitgewerkt raakt. Er moeten dus nieuwe prikkels komen om vooruitgang te boeken. Hoe zit dat bij jou? Als je al een paar jaar bezig bent met hardlopen kun je iets intensiever of vaker gaan trainen. Je hebt dan een basis gelegd. Spieren en pezen zijn goed doorbloed en zijn sterker geworden. Een vierde training kun je dan aan. Probeer de stap eens te maken!
Een stap vooruit, maar wel gedoceerd
hardlopen is een zware sport en daarom is het relatief makkelijk om vooruitgang te boeken. Kies vooral voor 1 extra aspect dat je laat toenemen en niet meerdere tegelijkertijd. Dan wordt hardlopen te zwaar.
Beginnende lopers
Ga op zoek naar een ritme dat je lekker vindt. Een keer per week is vaak te weinig. Het zal lekkerder gaan als je 2 a 3 keer per week traint. Twee echte hardlooptrainingen en een alternatieve training ernaast. Drie keer hardlopen is voor beginners de eerste week te veel. Een derde training zou een wandeltraining, aerobic, cardiofitness of een andere duursport kunnen zijn. Ook een yoga vorm waarbij je spieren beter leert kennen, is een goed alternatief. Na ongeveer 5 weken kun je aan een derde hardlooptraining per week gaan doen. Beginners moeten beter hun best doen om in het ritme te komen. Eenmaal in het ritme zijn beginners extra blij om en hardloper te zijn.
Interessant? Bekijk ook eens ons YouTube kanaal of lees onze andere blogs.
Veel hardloopplezier en houd het vol!
Dave Baars